04/09/2026
Cranberry’s, rijst en veenmos tegen een zakkende polder
Onder de weilanden bij Oud Ade ligt veengrond. Zolang die nat blijft, blijft de bodem intact. Maar om vee op het land te kunnen houden moet het water in veenpolders laag staan. Daardoor droogt de veengrond langzaam uit. Het verteert, de grond zakt en er komt koolstofdioxide (CO₂) vrij, een broeikasgas dat de aarde opwarmt.
Hoe dat anders kan, wordt onderzocht in de Vrouw Vennepolder bij Oud Ade. Op grond die coöperatie Land van Ons in 2020 kocht, onderzoekt bioloog Fleur van Duin hoe landbouw mogelijk blijft als het waterpeil omhooggaat. Sinds 2021 is het gebied onderdeel van Polderlab Vrouw Venne, waarin Land van Ons samenwerkt met de Leidse Universiteit en Regio Holland Rijnland.
Het onderzoek duurt tien jaar. Van Duin kijkt daarbij niet alleen naar de vraag welk gewas het goed doet op natte grond. Ook sloten, bodem, water, planten, dieren, biodiversiteit en de opbrengst voor boeren horen erbij. „Ik denk dat je de wereld een stukje beter kunt maken door mooie voedselsystemen in te richten”, zegt ze.
Op een aantal plekken in de polder is te zien wat dat in de praktijk betekent. In de laagste stukken groeit rijst. Elders staan cranberry’s tussen veenmos. Op hogere ruggen groeien struiken en andere gewassen. Greppels, kleppen en kleine pompen regelen het water. De rest van het gebied is nog in gebruik voor biologische veehouderij.
De proeven leveren niet alleen successen op. Sommige rijstrassen bloeien bijvoorbeeld hier te laat en rijpen daardoor niet af. Ook de hoogte van een proefveld luistert nauw. „Als je een veld een paar centimeter te diep afgraaft, kun je de waterstand soms niet goed meer regelen”, zegt Van Duin. Een van de proeven waar zij het meest enthousiast over is, is het veenmosveld. Maaisel uit de Nieuwkoopse Plassen met kleine stukjes veenmos werd op kale veengrond uitgestrooid. Het mos groeide weer aan en bleef vochtig, ook toen het de afgelopen tijd heet en droog was. Met het maaisel kwamen ook zaden mee. Daardoor verschijnen er nu plantensoorten die eerder niet in de polder groeiden en neemt de biodiversiteit toe.
De proefvelden bieden geen kant-en-klaar recept voor boeren in de omgeving. Ze laten zien wat er mogelijk is in een polder met een hoger waterpeil. „We willen boeren niet voorschrijven hoe zij moeten werken”, zegt Van Duin. „We willen laten zien welke keuzes er zijn.”