Ann-elise Lietaert I Hoofd vol verhalen

Ann-elise Lietaert I Hoofd vol verhalen Hier worden beelden omgetoverd tot hartverwarmende of juist coole retro kaartjes! Ook voor ander fo BE0651 651 740

04/09/2026

Eind deze maand mag ik slam poetry brengen.
Megaspannend.

Dus doe ik wat een volwassen, zelfzekere vrouw in zo’n situatie doet als haar mannen een avond niet thuis zijn:
Ik maak filmpjes (zodat ik zie wat er fout loopt)
Ik teken (omdat de filmpjes te saai zijn).
Ik spreek teksten in.
Ik monteer.
Ik denk: mogelijks wel
Ik zet het klaar om te delen.
En dan kijk ik er nog één keer naar.
En haal ik alles weer weg.
Vervolgens vind ik het jammer dat ik het heb weggehaald.
Zet ik het terug.
Vind ik mezelf plots heel pretentieus en haal ik het weer weg.

Het is dus overduidelijk een zeer efficiënt creatief proces.

Ahum, hier gaan we dus weer.

Harder zwemmenVrijdag en dit weekend had ik een paar gesprekken met vriendinnen. Verschillende gesprekken. Andere levens...
30/08/2026

Harder zwemmen

Vrijdag en dit weekend had ik een paar gesprekken met vriendinnen. Verschillende gesprekken. Andere levens. Andere vragen. En toch moest ik telkens terugdenken aan een grot in Portugal.

Jona en Rube hadden ze ontdekt. Eén die niet op bordjes of bij toeristische attracties stond. Je moest over rotsen, door water, een stuk zwemmen en vooral doen alsof je perfect wist waar je mee bezig was voor je op een klein strandje aankwam. Ik stootte mijn voeten open, schaafde mijn knie en sneed mijn teen aan iets scherps. Ondertussen hield ik ook mijn camera boven water. Dat is niet simpel, zwemmen in de Atlantische Oceaan met een Nikon in de lucht.

Maar ik wilde die grot zien.En ze was het waard.
Binnen stonden honderden stenen op elkaar. Kleine torentjes, achtergelaten door mensen die dezelfde rotsen, hetzelfde water en waarschijnlijk dezelfde gevloekte scherpe stenen hadden getrotseerd. Ik zette er ook een torentje bij. Omdat ik blijkbaar, wanneer ik veel moeite heb gedaan om ergens te geraken, graag bewijs achterlaat dat het de moeite waard was.
(En natuurlijk maakte ik een foto.)

Ik weet niet waarom, maar dit weekend moest ik weer aan die grot denken.

Omdat we soms evengoed zwemmen. Even hard. Even koppig. Met van alles boven ons hoofd dat we koste wat kost droog proberen te houden. Alleen dient zich niet altijd een grot aan. Soms zwem je, klauter je, haal je je voeten open en is er aan het einde niets moois dat alle schaafwonden verklaart.

Geen grot. Geen licht. Geen torentjes. Alleen het gevoel dat de boel niet klopt. Een stroming die je eerst nauwelijks merkt, maar die je langzaam wegtrekt van waar je eigenlijk wilde zijn. En als radeloosheid loert, doen we vaak wat we geleerd hebben: harder zwemmen. Want we zijn nu al zo ver. Het zal straks wel beter worden. Alsof moeite bewijst dat je de juiste richting uitgaat. Misschien is dat het gevaar van al zo ver gezwommen zijn. Je begint te denken dat verder automatisch dichterbij betekent. Dus zwem je. Omdat je gisteren ook gezwommen hebt. Omdat je voeten toch al openliggen. Omdat terugkeren na zoveel moeite bijna onbeleefd voelt tegenover de moeite.

Op de terugweg uit de grot nam Jona mijn camera vast en hield hem boven water. Hij is wel vaker mijn houvast tegen vallen. Misschien hebben we dat soms nodig. Niet iemand die zegt dat je harder moet zwemmen. Wel iemand die even vasthoudt wat je niet wilt verliezen, zodat je je handen vrij hebt om van richting te veranderen.

24/07/2026

𝐆𝐞𝐧𝐭𝐬𝐞 𝐟𝐞𝐞𝐬𝐭𝐞𝐧. 𝐓𝐮𝐬𝐬𝐞𝐧 𝐨𝐧𝐬 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐤𝐚𝐬𝐬𝐞𝐢𝐞𝐧 𝐠𝐞𝐳𝐞𝐠𝐝 𝐞𝐧 𝐠𝐞𝐳𝐰𝐞𝐠𝐞𝐧

Gentse feesten op Facebook. Schoppende mannen en geschopte mannen die aan kasseien kleven. Een verloren schoen. Politiewagens. En ergens in een nieuwsbericht nog cijfers. Zoveel arrestaties. Zoveel vechtpartijen. Zoveel messen.

Dat is misschien de gemakkelijkste conclusie. Er zijn veel mensen die over grenzen gaan en daar dragen ze trouwens zelf verantwoordelijkheid voor. Wie slaat, kiest ervoor om te slaan. Wie een voorbijganger aanvalt, kan zich niet verschuilen achter alcohol, groepsdruk of een moeilijke jeugd. Zonder die duidelijkheid bestaat er geen rechtvaardigheid.

Maar tegelijk knaagt er iets aan mij wanneer we het verhaal daar laten stoppen. Want geweld groeit zelden in een vacuüm. Misschien begint het al veel vroeger. Bij kinderen die nooit leerden hoe boosheid klinkt zonder vuisten. Bij jongeren die opgroeien in buurten waar respect vooral afgedwongen wordt. Bij een samenleving waarin kwetsbaarheid vaak zwakte lijkt en status steeds luider moet worden bewezen. Bij de zoveelste begeleidster in de bijzonder jeugdzorg die afhaakt onder de hoge werkdruk. Bij algoritmes die vooral conflict belonen. Bij een wereld waarin we steeds vaker naast elkaar leven en steeds minder met elkaar.

Links kijkt naar wortels. Naar armoede, uitsluiting, kansenongelijkheid, geestelijke gezondheid, opvoeding. Niet om geweld goed te praten, maar omdat een wonde pas geneest wanneer je weet waar ze zit.

Rechts kijkt naar de gevolgen. Naar slachtoffers die gewoon een avond wilden dansen. Naar hulpdiensten die steeds vaker mikpunt worden. Naar burgers die zich onveilig voelen. En zegt dat een samenleving pas werkt wanneer grenzen ook echt grenzen zijn.

Volgens mij hebben ze allebei gelijk.
Want oorzaken begrijpen is iets anders dan gevolgen aanvaarden. En gevolgen bestraffen verandert op zich niets aan de oorzaken.

We lijken voortdurend te kiezen tussen hard of zacht. Tussen repressie of preventie. Alsof het één het andere uitsluit, terwijl een gezonde samenleving het toch allebei tegelijk zou moeten zijn?

Zacht genoeg om te durven investeren in onderwijs, in GGZ, in kansen voor kinderen en jongeren. Hard genoeg om (jong)volwassenen verantwoordelijk te houden voor hun daden.

Misschien is dat wel het moeilijkste aan samenleven. Dat rechtvaardigheid twee benen nodig heeft. Het ene been kijkt achterom, vraagt zich af hoe we hier beland zijn. Het andere kijkt vooruit en zegt: tot hier en niet verder.

En wie één van beide benen afzaagt? Wel, die geraakt nergens.

En misschien, misschien, ligt daar, tussen de lege pinten en de straatvegers van de ochtend nadien, de echte vraag.

Niet waarom er gevochten werd, maar waarom wij telkens opnieuw denken dat één antwoord volstaat 🤷🏻‍♀️.

Ann-elise Lietaert

Ik ben niet gemaakt voor vakanties waarop alles al op voorhand vastligt. Ook niet voor all-ins.Niet omdat ik iets heb te...
23/07/2026

Ik ben niet gemaakt voor vakanties waarop alles al op voorhand vastligt. Ook niet voor all-ins.

Niet omdat ik iets heb tegen zwembaden of buffetten. Integendeel. Ik kijk met bewondering naar mensen die zich moeiteloos een week lang op dezelfde ligstoel installeren.
Dat lijkt me een bijzonder talent.

Maar ik word alleen maar verliefd op wat in geen enkele reisgids staat. Op de hond die besluit met ons mee te wandelen. Op een verkeerde afslag die achteraf de juiste blijkt. Op een sterrenhemel die mijn hoofd stil krijgt. Op een vrouw die zomaar op een stoel zit, die me laat stilstaan terwijl ik geruisloos mijn fototoestel bovenhaal. Op die ene klik waarna zij dan gewoon weer verder wandelt met haar dag en ik met de mijne, zonder dat zij ooit weet dat ze mij iets heeft gegeven. Het bewijs dat schoonheid zich verspilt in wat vaak niemand echt bijzonder vindt.

Misschien is dat voor mij de essentie van reizen.
Niet zoveel mogelijk afvinken, maar voldoende vertragen om te zien wat anderen voorbijlopen.
Om het gewone even buitengewoon te laten zijn.
Om een moment te bewaren dat anders geruisloos zou verdwijnen.

Telkens als ik thuiskom, besef ik hetzelfde.
Dat thuis geen plaats is.

Thuis is voor mij dat ene moment waarop ik stilval en
de wereld zich heel even laat vastleggen zoals ze voor mij werkelijk is.

Ann-elise Lietaert

1. 𝐇𝐞𝐭 𝐮𝐢𝐭𝐛𝐞𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐯𝐨𝐞𝐥𝐞𝐧𝐍𝐈𝐄𝐌𝐀𝐍𝐃 𝐋𝐄𝐄𝐑𝐃𝐄 𝐇𝐄𝐌 𝐒𝐓𝐎𝐏𝐏𝐄𝐍Bij mijn buurvrouw rijdt sinds kort Ronny II rond. Een robotstofz...
24/06/2026

1. 𝐇𝐞𝐭 𝐮𝐢𝐭𝐛𝐞𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐯𝐨𝐞𝐥𝐞𝐧

𝐍𝐈𝐄𝐌𝐀𝐍𝐃 𝐋𝐄𝐄𝐑𝐃𝐄 𝐇𝐄𝐌 𝐒𝐓𝐎𝐏𝐏𝐄𝐍

Bij mijn buurvrouw rijdt sinds kort Ronny II rond. Een robotstofzuiger met vijfsterrenrecensies. Hij beweegt zich bedachtzaam door de woonkamer, botst tegen stoelpoten en kiest dan een andere richting.

Mijn buurvrouw houdt van hoogtechnologische snufjes.
Naast de soepmaker en de druifontpitter staat ook Mia, die tomaten van hun vel ontdoet. Het zijn slechts enkele van de keukenmachines die ze bezit die haar redden van het voelen.

Tijdens de koffie vertelt ze over Ronny I. Ze lacht erbij, zoals mensen lachen om iets dat pas achteraf grappig wordt.

Ronny I was minder slim en minder voorzichtig. Op een vrijdag, terwijl zij aan het werk was, reed hij recht door het gevoeg van hun hond. Er was geen sensor die protesteerde, geen algoritme dat twijfelde. Ronny I reed erin, hapte en ging verder.

Toen ze thuiskwam, waren er bruine sporen op de marmeren vloer. De hond en zijn ontlasting waren duidelijk aanwezig geweest, maar Ronny I had niets gezien. Ronny I bestaat niet meer. Nu is er Ronny II. Die herkent stoelpoten, tapijten en dat wat warm blijft liggen.

Terwijl ze praat, trilt mijn horloge. Tijd om te bewegen! Efficiënt en gezond. Immer weer vooruit. En toch, dat ding telt mijn stappen, maar weet niet wanneer het beter voor me is om te blijven stilstaan. Ik denk aan Ronny I. Aan hoe niemand hem leerde te stoppen, zelfs toen hij al lang vastzat in de s**t.

-

Mijn eindwerk voor STAP Roeselare is ondertussen al een eindje af.

Raakvlak is een bundel geworden waarbij cursiefjes en slam poetry bewegen tussen denken en voelen, tussen het persoonlijke en het maatschappelijke.

Op vraag van enkele vrienden en kennissen laat ik exemplaren bijdrukken. Wie er graag 1 wil, pm. Prijs hangt af van het aantal exemplaren (nu kom ik op 24,75,- maar dat wordt uiteraard minder met meer exemplaren, ik laat definitieve prijs nog weten voor ik bestel).

𝐓𝐎𝐌𝐀𝐓𝐄𝐍𝐏𝐄𝐋𝐌𝐀𝐂𝐇𝐈𝐍𝐄 (𝐒𝐋𝐀𝐌: 𝐙𝐈𝐄 𝐅𝐈𝐋𝐌𝐏𝐉𝐄)

Ann-elise Lietaert Ann-elise Lietaert

Ik besef dat ik nog geen enkele communiereportage gedeeld heb dit jaar. Niet omdat ze er niet waren. Wel omdat mijn dage...
25/05/2026

Ik besef dat ik nog geen enkele communiereportage gedeeld heb dit jaar. Niet omdat ze er niet waren. Wel omdat mijn dagen momenteel een beetje voelen als een wasmachine op centrifugeersnelheid 1400. Fulltime werken én een bijberoep… Respect voor mensen die dat combineren, maar in elk geval: het is niets voor mij.

Nog één maand en vijf dagen en dan wordt er een punt gezet achter een hoofdstuk van tien jaar illustratie & fotografie. En eerlijk? Dat voelt verrassend oké.

Ik ben sowieso geen mens van ‘dit doe ik nu tot aan mijn pensioen’. Ik ben eerder een reiziger tout court. Iemand die onderweg af en toe van landschap verandert. En ik geloof ook oprecht: wanneer iets niet meer goed voelt, dan is het in ieders belang dat iemand anders het overneemt. Dat geldt voor jobs. Maar ook voor fotografie.

Maar wat ben ik dankbaar. Voor de voorbije tien jaar. Voor alle gezinnen. Voor al die kleine mensen die ondertussen grote mensen geworden zijn. Voor de mama’s die me ooit boekten voor een eerste communiereportage en nu plots chauffeurs zijn van pubers met okselhaar.

Iemand zei onlangs dat mijn kracht erin ligt mensen echt te laten glimlachen. Niet de ‘zeg eens cheese’-glimlach. Maar de kleine, onverwachte glimlach.Ik denk dat dat misschien klopt.

Want kijk: ook dit was weer zo’n gezin. Eentje dat ik al op zoveel momenten voor mijn lens mocht hebben. En waarvan ik zelf spontaan begin te glimlachen in nabewerking wanneer ik zie hoe zij in beeld spontaan glimlachen.
Dat blijft bijzonder. Altijd.

Maar goed, merci voor alles, voor alle uren voor mijn lens, voor het vertrouwen, voor mijn toegenomen Facebook-populariteit de laatste tien jaar ;-)

Dankbaar aan al mijn klanten!
Heel hard dankbaar voor alles!

Tiny kot: Merci voor de prachtige locatie

16/04/2026

Wat als je morgen als man wakker wordt?

De vraag landt tussen glazen en kruimels.
We fantaseren.
Over seks.
Over stemmen die anders klinken.
Over blikken die blijven hangen of net wegdraaien.

‘Is een ochtenderectie eigenlijk elke dag?’ vraagt iemand.
‘En zou ik dan minder tegen mijn zin naar de keuring gaan?’

Het gesprek groeit. Zwelt. Wordt groter dan de tafel.

Ik luister, ik knik, draai mijn glas langzaam rond.

Als ik morgen als man wakker word,
dan is er maar één ding waar ik mij echt zorgen over maak.
Niet mijn stem, niet mijn kleren, niet de blikken, maar mijn parkeervaardigheden.

Want stel dat ik dan moet parkeren
zoals men dat van mannen verwacht.
Zelfzeker, in één beweging en vlot in achteruit.
Achteruit, zonder aarzelen?

Even later zie ik een vriend in zijn auto.
Ik kijk hoe schuin hij parkeert
en hoe zelfverzekerd hij uitstapt,
en ik denk: misschien zit mannelijkheid
niet in hoe je parkeert,
maar in hoe weinig je je aantrekt
van wat anderen daarvan denken.

Maar goed, misschien denk ik te veel in vakjes.
Mijn vriend lijkt het alvast niet te doen.
Die stapt gewoon uit.

En de allerallerlaatste reportage aan het inladen!Dankjewel voor al die jaren! 😘
08/04/2026

En de allerallerlaatste reportage aan het inladen!

Dankjewel voor al die jaren! 😘

Jona en ik zijn twintig jaar getrouwd. Dat is opmerkelijk. Niet omdat we zo goed bij elkaar passen, maar omdat we dat ne...
07/04/2026

Jona en ik zijn twintig jaar getrouwd.
Dat is opmerkelijk.
Niet omdat we zo goed bij elkaar passen, maar omdat we dat net niet doen.
Hij houdt van techniek en ik van kunst.
Hij verliest zich in kabels en motoren, ik verdwijn in literatuur.

Ook in opvoeding lopen we uit de pas.
Ik bescherm en hij laat los.
Ik vraag: wat als ze vallen? Hij zegt: dan leren ze opstaan.
En hij denkt trouwens zelden na over wat andere mensen denken.
Ik wel. Ik zie blikken, hoor stiltes, voorvoel meningen nog voor men ze uitspreekt.

En ergens daartussen, in dat schuren en verschuiven, ligt ons.
In muziek die we blijven herhalen tot ze bijna van ons wordt.
In samen vertrekken zonder precies te weten waarheen.
In het minimalistische houden van eenvoud.
In de oneindige rituelen die niemand ziet.
In hoe we, ondanks alles, naar de wereld blijven kijken
met een soort gedeelde verwondering.

Twintig jaar al duwt hij mij uit mijn hoofd en duw ik hem richting voelen.
Soms betrap ik mezelf op de vraag: zou ik vandaag nog trouwen?
En eerlijk? Nee.

Omdat ik ondertussen weet hoe absurd zo’n belofte is.
Je zegt ja tegen een toekomst die zich niet laat vastleggen.

Maar er is ook iets dat ik wél zeker weet.
Als iemand mij vandaag vraagt: kies je opnieuw voor hem?
Dan twijfel ik geen seconde:
ik kies voor de man die mij al twintig jaar draagt en verdraagt.

Alleen… ik beloof het hem niet meer.
Ik toon het gewoon, elke dag opnieuw.
Als een onuitgesproken eendagsbelofte, die ik duizenden keren vernieuw.

Ann-elise Lietaert

Nog volop aan het nabewerken.Beelden die zich niet haasten.Alsof ze nog even willen blijven.Een knappe zus die mee in be...
05/04/2026

Nog volop aan het nabewerken.
Beelden die zich niet haasten.
Alsof ze nog even willen blijven.
Een knappe zus die mee in beeld schuift.
Alsof niets ooit alleen bedoeld is.

Na vandaag nog morgen reportages
en dan woensdag na het werk:
mijn allerallerlaatste reportage.

Ik zeg het en het voelt tegelijk zwaar en licht.
Alsof ik iets afrond dat misschien
nooit bedoeld was om af te zijn.

Want wat doe ik eigenlijk, al die jaren?
Ik kijk.
Ik wacht.
Ik vang wat er al was.

Ik leef een beetje mee in het leven van anderen.
En ergens daarin liep ook altijd mijn eigen verhaal mee.

Mijn persoonlijke zoektocht naar thuiskomen.
Kijken en zoeken waar mijn kijken en voelen kan thuiskomen.

Maar wat is dat eigenlijk, thuis?
Is dat een plek of een moment of iemand die even blijft staan?

Of is het iets dat altijd net buiten bereik ligt,
en wordt het pas zichtbaar wanneer je stopt met zoeken?

Ik heb het in lang in beelden gezocht, in mensen.

Goed, nog een laatste keer tekenen met licht.

En dan stop ik. Of nee…

Ik stop met het benoemen ervan als werk.

Want kijken, dat blijft.
Zoeken wellicht ook...

Adres

Kwellestraat
Langemark
8920

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Ann-elise Lietaert I Hoofd vol verhalen nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact

Stuur een bericht naar Ann-elise Lietaert I Hoofd vol verhalen:

Snelkoppelingen

Delen